DOOR BASISGROEPLID LEO BOETERS OP PLENAIRE BSZ-VERGADERING IN HET CDA-BUREAU TE DEN HAAG OP DONDERDAG ELF DECEMBER 2009 GESTELDE
VRAGEN AAN VAN GEEL:
Met het risico,dat U boos op mij wordt over hetgeen ik aan U en de fractie wil vragen en voorstellen, beroep ik mij toch op het goede gezelschap – vanmiddag – van Bert de Vries, die ook door de partijleider en voorzitster werd gekleineerd en ernstig bekritiseerd over zijn visie in zijn boek “Overmoed en Onbehagen”.
Later nog eens extra ondersteunt door Mathijs Bouman in zijn boek “Hollandse Overmoed”, die met dezelfde prikkelende kritiek en titelkeuze van zijn boek, de forse bezuinigingen en het trieste financiële beleid- dat zelfs tijdens het tweede kabinet Balkenende in de troonrede de Koningin moest uitspreken - als een economisch horrorverhaal.
Maar De Vries heeft – naar later bleek –toch vele puntjes op de i’s van ons partijprogramma gezet en de neo-liberale koers met de VVD en de neo-conservatieve en calvinistische koers van onze partijleider argumentvol willen en kunnen weerleggen. De doemscenario’s over globalisering en vergrijzing moesten op de juiste meritis worden beoordeeld en in de juiste proporties worden gebracht.
Een eerlijke verzorgingsmaatschappij op basis van gerechtigheid, solidariteit, rentmeesterschap en gespreide verantwoordelijkheid hoefde er niet door afgebroken te worden.
Een verantwoordelijke zorgzame samenleving diende voorop te staan.
Wel diende de Arbeidsproductiviteit in de gaten te worden gehouden.
Meer mensen aan het werk door grotere en bredere arbeidsparticipatie en meer en slimmer werken onderschreven ook anderen, bijv. Servaas Storm en Ro Naastepad van de TU in Delft in het vakblad “Economisch Statistische berichten “.
De verantwoordelijkheden dienen bij de burgers en hun organisaties mede gelegd te worden om het onderwijs, de zorg en de sociale zekerheid te optimali-seren, die door verambtelijking, bureaucratisering, gebrek aan aandacht voor de kwaliteit van de dienstverlening en een lage efficiency waren “ingeslapen”.
Maar door zichzelf bevoordelend en belangrijkvindend en overheersend management in een disproportionele marktwerking terecht kwamen.
En vaak blijken gelukkig ervaren oud-CDA-politici met hun kritische noot en visie de juiste nuancering(en) en verbeteringen aan te dragen, die voor ons als midden-partij zo essentieel zijn. Essentieel zijn, in de verduidelijking en toe-lichting – die vaak wordt gemist – en in de argumentatie die zij aanreiken om duidelijk te maken waar voor een midden-partij de moeilijke maar rechtvaardige keuzes zitten.
Natuurlijk is het makkelijker om vanuit een standspartij de belangen van jouw clubje alleen te verdedigen en te benadrukken.
En natuurlijk – of jammergenoeg - is dat het politieke spel, maar voor de Nederlander is van belang dat hij/zij kan zien/horen en afmeten waarom een keuze is gemaakt. En hoe moeilijk het voor een midden-partij is de eerlijke afweging te maken tussen de verschillende mogelijkheden en standpunten.
Wij, het CDA is en moet blijven ijveren een partij voor iedereen te zijn.
Geen eigen stokpaardjes, geen eigen belangen, enz., maar met een eerlijke en duidelijk naar buiten uitdragende visie te komen om – nogmaals – duidelijk te maken dat de belangen van een ieder eerlijk zijn afgewogen. Het CDA is en dient naar mijn mening de meest “polderende” partij te zijn en te blijven.
“Samen Levend en Samen werkend.”
In zo’n partij is het toch prachtig de vele meningen in den lande te horen en mee te laten tellen. De huidige debattenreeks “Morgen begint vandaag“ is daar een fantastisch voorbeeld voor, waar ons Ritaatje Verdonk nog maar eens aan moet kunnen tippen. Wij zijn juist tróts op het CDA als onze meningen ook echt gehoord willen worden.
En zeker als Basisgroep Sociale Zekerheid willen we onze naam waar maken om als “ervaringsdeskundigen” binnen onze partij steeds weer te wijzen op de uitwerkingen in de praktijk en U daarover te informeren en op te wijzen.
En dan hoop ik dat uw mening straks is: “Van je familie en zeker van je Basisgroep (en) moet je het juist hebben.” Als parafrase op de woorden van onze oud-voorzitster. En die evt. kritische noten moeten we juist binnen onze gelederen kunnen kraken.
Beter hier en nu, dan dat we er later op worden aangevallen en afgerekend.
Hier kunnen we op basis van onze CDA-uitgangspunten de “ degens ” kruisen.
Beste Pieter van Geel, waarde fractievoorzitter van het CDA,
Er is veel “bederf “ in onze samenleving geslopen.
En het verlies aan die waarden en normen alleen te stéllen is nutteloos als niet de juiste diagnose kan worden gesteld en maatregelen, ingrepen, enz. enz. worden afgesproken en ingesteld. Daarnaast is er ook veel scepcis ontstaan bij de burgers over het politieke proces en de weinig leiderschap uitstralende functie van onze politici en bestuurders.
Wie kunnen we nog vertrouwen?
Wie durven we nog een hand te geven zonder daarna onze vingers te hoeven tellen?
En wij als Basisgroep Sociale Zekerheid zien – net als Bert de Vries dat in 2005 al zag – dat de positie van de “zwakkeren”in onze maatschappij steeds moeilijker wordt en zelfs als het zogenaamde “ zuur ”voorbij is het “ zoet ” (eigenlijk het herstel) weer net zo hard aan deze neuzen voorbij gaat.
Nee, …….de maatregelen aan de onderkant worden harder en scherper en lijken die zwakkeren zelfs te willen afstraffen voor hun zwakte.
Natuurlijk moet naar de reden van die zwakte gekeken worden en de mate en de “eerlijkheid”van die zwakte.
Waar is die door ontstaan en hoe kunnen we helpen?
Natuurlijk mag het beroep op zelfstandigheid en zelfverantwoordelijkheid (zelfredzaamheid en employability) gedaan worden, maar altijd met een mense-lijke maat, met onze christelijke en sociale moraal.
De kern van de kritiek van Bert de Vries in 2005.
“ Het Rijnlandmodel heeft westelijk Europa groot gemaakt“, zei onlangs nog Yves Leterme, premier van België in de Ridderzaal. “Allen moeten aan het succes deelnemen. Het Angelsaksische model met het neoliberalisme dacht teveel aan aandeelhouders en managers. Het Rijnlandmodel heeft iederéén voor ogen, stelt samenwerking voorop en acht sociale bescherming essentieel, goede arbeidsverhoudingen, hecht belang aan collectieve successen en niet alleen aan individuele competitie. Economie heeft de mens tot doel en niet omgekeerd; het is gericht op economische waardecreatie op lange termijn en sociale vooruitgang.”
Doorbreek die meritocratische visie in de samenleving, waarbij winnaars en verliezers hun positie vooral te danken hebben, respectievelijk te wijten aan hun eigen inspanningen. Verliezers moeten – in die visie - dus maar niet teveel rekenen op de solidariteit van de winnaars.
Maar al eerder had ons WI in 2003 in “Sociaal en Zeker “ al gepleit een nieuwe balans te vinden tussen solidariteit en eigen verantwoordelijkheid in het licht van een goede werking van de arbeidsmarkt. Het “ driepijlersysteem ” of leuker geformuleerd het cappuccino-model; AOW (de koffie), aanvullende pensioen (de opgeklopte melk) en individuele lijfrente (de cacao) pleitte voor een juiste verantwoordelijkheidsverdeling.
Maar waarin niet stond, dat alle regelingen van de overheid moesten worden afgebroken tot het minimum-niveau ! Zelfs dat rapport vond hij al een verslechtering van het rapport “Vernieuwing om behoud” van 20 jaar daarvoor (1982).
Natuurlijk mag een beroep gedaan worden op de “civil society”, een be-roep op de naastenliefde van onze mede-burgers, maar dan moeten de mogelijk-heden daar wel voor aanwezig zijn of worden geschapen.
Een regering dient dan voorbeeld stellend en voorwaarden scheppend te zijn.
Aan de inkomensbeschermende functie van kwetsbaren mag zeker onze zich sociaal christelijk noemende partij nooit tornen.
- Hoe kunnen moeders met kleine kinderen opvoeding en werk het beste combineren?
- Hoe kunnen mensen met een beperking toch zinvol voor zichzelf een plek in deze samenleving in nemen?
- Hoe dienen we zieken te ontzien en te helpen om weer in het arbeids-proces terug te komen?
- Hoe kunnen we die hulpverleensters en verzorgsters aan de basis weer hun ideaal terug laten vinden als de directeur, de Raden van Bestuur of Toezicht met een exorbitante salaris er van door gaan en ze op de werkvloer te weinig betaald worden, te lang moeten werken en zien dat bij de jeugd te weinig ideaal en liefhebberij aanwezig is om aan hun werk bij te dragen en/of over te nemen?
- Hoe kunnen huurders met een laag inkomen nog blijven wonen in huizen waarvan de huren steeds maar hoger worden? Hoe kan de verloedering in wijken gestopt worden en worden de huizen te weinig onderhouden en opgewaardeerd, terwijl de corporaties miljarden tegoeden hebben.
Een minister van WWI zelfs sneuvelt omdat ze die miljarden maar niet weet te confisqueren om die gelden dan weer in te zetten om de verloedering van hun eigen huizenbestand en wijken van de corporaties tegen te gaan? Hoe komt het toch dat er te weinig huurhuizen worden gebouwd en er weer woning-nood is, terwijl overal prachtige appartementen kunnen worden gebouwd en verkocht tegen niet te betalen prijzen en de huis-eigenaren niet weten hoe ze hun steeds stijgende overwaarde nu weer moeten belenen?
Hoe kunnen woningstichtingen weer gewone woningbouwverenigingen worden met die ene duidelijke sociale doelstelling?
Hoe kan het toch dat wij vier/vijf keer zoveel miljarden aan de hypotheek-renteaftrek willen blijven spenderen en het verschil met en door de huursubsi-die-vermindering weer verder laten stijgen? Hoe kunnen we woorden van perversiteit van de aftrekregeling van onze eigen nestors jaren geleden al - nog steeds - negeren?
Waarom mag het H-woord niet gesproken en besproken worden?
Waarom laten we de hogere inkomens de maximale aftrek nog steeds incasseren?
Het ging toch om wonen mogelijk te maken en niet om rijken nog rijker te maken? Die door de gestegen overwaarde en waardevermeerdering van hun huis (soms 4 tot 5 maal de aankoopsom !) allerlei leningen kunnen afsluiten op hypothecaire basis? Overigens met alle risico’s zoals we in Amerika hebben gezien, want ook hier kunnen dan prijs-/waardedalingen ontstaan door een recessie.
Hoe kunnen we dan toch toestaan dat de huursubsidie voor de lagere inko-mensgroepen weer wordt verminderd? Zien we als CDA dan niet hoe mensen in schulden komen en met schuldsanering en hulpverlening moeten aankloppen bij de honderden voedselbanken, die - schandelijk genoeg - vaak hun produkten betrekken van bedrijven, die ze daarvoor weggooiden/doorgedraaid moesten worden? Welk een ellende ontstaat bij huisuitzettingen?
- Hoe kunnen we banken weer saai en degelijk laten worden en dat laten doen waarvoor ze in de maatschappij nodig zijn en als taak moeten doen:
Geld bewaren en geld uitlenen. Maar niet de mensen belazeren met woekerhypotheken, -leningen en –polissen en torenhoge administratiekosten als eerste ervan aftrekken? Waarom maakt een sociaal-democratische minister van Financiën zich drukker voor een kleine groep maximaal graaiende kapitaal-krachtige spaarders die –waarschijnlijk ook nog eens belastingontduikend naar IJsland uitweken -, terwijl híj noch zijn collega-ministers acties aankondigen als er een grote groep/generatie werklozen dreigt aan te komen?
- Hoe kan de politiek die vermaledijde marktwerking weer in het gareel krijgen, waarbij de bedoeling van de instelling met die zogenaamde maatschap-pelijk verantwoordelijke taak zijn maatschappelijke doelstelling eerst nakomt en niet zichzelf eerst wil verrijken?
Natuurlijk zitten we nu door de gebeurtenissen met de vraag in deze financiële–kredietcrisistijd, waardoor de economie nu ook de klappen krijgt, hoe de besteding van mensen toch op peil kan worden gehouden?
Mijnsinziens in ieder geval niet – als CDA – om als eerste aan de onderkant de klappen uit te delen. Als we de broekriem moeten aanhalen dan allemaal. In de wetenschap dat die riem bij de onderkant al aardig strak is aange-haald en er aan de bovenkant mensen met dure bretels rondlopen vanwege de flinke buiken waarvoor geen riemen meer te krijgen waren.
Ontzettend veel vragen en onzekerheden,
maar ook voorstellen en aandachtspunten willen we aandragen.
Laat alleenstaande moeders/vaders (gescheiden of weduwe) met nog geen schoolgaande kinderen hun zorg en opvoeding aan deze kwetsbare groep thuis kunnen besteden. Kom daarna pas met de verplichting voor een part-timebaan gedurende de schooltijden. Geen dure voor- of naschoolse opvang, maar een moeder/vader die thuis kan zijn voor haar/zijn kinderen.
Vergeet niet dat huisvrouw/moeder-zijn door uw coalitie-genoot al jaren ge- leden als het mooiste, belangrijkste werk en intensiefste taak werd beschouwd.
Dat gewoon financieel zelfs beloond zou moeten worden.
Zorg voor mensen met een beperking, dat hun beperking geaccepteerd wordt en overleg met hen hun mogelijkheden voor een evt. beperkte en aange-paste inzet. En laat instellingen voor Werk en Inkomen werkplekken voor hen creëren en opzoeken binnen bedrijven. En zo voor het bedrijf en henzelf via job-coaching tot optimale en levensvervullende inzet komen. Zodat zij zich ook met hun inzet waardevol kunnen voelen in onze samenleving en erbij horen en er niet naast worden gezet. Ook zij zouden hun “employability” willen en kunnen waarmaken.
Zorg voor een stevig basissalaris in de verzorging met salarisschalen voor de verschillende werkniveau’s. Hier kunnen bonden en de SER hun advi-sering voor inzetten. Maar zorg ook voor de duidelijke salariëring tot aan de top en laat dat niet aan “hun” marktwerking over.
Zorg dat corporaties tot hun maatschappelijk taak - het bouwen van huurwoningen voor de laagstbetaalden – blijvend worden aangezet en/of ge-dwongen. En als er huursubsidie bij het bouwen of wonen nodig mocht blijken te zijn, laat de corporaties deze dan zelf aanvragen en innen bij het Rijk.
Zadel daar niet onderkant mee op, die of de regeling niet kent, weet of kan begrijpen. Belast hen alleen met/voor die afgesproken maximale woonbijdrage van 1/5e deel, 20% van hun inkomen, zoals al jaren zo mooi in ons partij-pro-gramma staat. Laat een corporatiedirecteur en zijn mede-Raad van Bestuurleden maar werken voor hun salaris dat vaak hoger is dan van onze premier.
Pak de perversiteit in de hypotheekrenteaftrek aan en benut de aftrek weer voor de starters waarvoor de regeling bedoeld was; mensen aan een eigen/ koophuis te helpen.
Net als bij studenten om hun studie mogelijk te maken. Maar stel die regeling qua kosten dan gelijk met de huurondersteuning. Al die subsidierege-lingen zijn toch bedoeld om mensen bij de start te helpen, maar toch niet om ze met “gouden krukken“ tot aan de finish te ondersteunen.
Neem de marktwerking in alle sectoren goed onder de loep en controleer en dwing af waar zij hun doelstelling als MVO voorbij dreigen te schieten en nu voor velen al voorbij geschoten zijn in hun “kapitalistisch”-getinte zelfbe-”vlekking”/ bevóórdeling.
Ontzie zoveel mogelijk de zwakkeren en belast de sterkere schouders op eerlijke en solidaire wijze. Pas op met die zogenaamde vlaktaks. De bovenkant krijgt dan nog meer “lucht” maar de onderkant een flinke “luchtdruk”.
Verminderde belastingdruk naar 40% levert de Staat minder belasting op aan de bovenkant én de bovenkant houdt meer over. Belastingdruk naar 40% aan de onderkant is een behoorlijk hogere aderlating voor de persoon en levert de Staat vanzelfsprekend minder op dan het wegvallen aan belastinginkomsten aan de bovenkant.
Hervormingen aan de onderkant van het inkomensgebouw zijn voor de kwaliteit van onze samenleving en voor de goede werking van de arbeids-markt van groot belang.
En zoals Bert de Vries toen al zei: “Meer AOW-uitkeringen in de vergrijzende toekomst (eigenlijk nu al) en meer belastinginkomsten bij de goed gepensioneerde ouderen heffen elkaar bijna op.“
Vlaktaks zal ook hier de inkomsten van de Staat behoorlijk afvlakken.
De overheid moet de mensen aan de onderkant beschermen tegen uitbuiting en blijkbaar aan de bovenkant tegen zichzelf.
Maar de afbraak is inmiddels in volle gang (blz.28).
We moeten het doen met een aanzet tot maximering van de zorgkosten, die voor de lagere inkomensgroepen achteruitgang en voor de middengroepen vooruitgang oplevert.
Een levensloopregeling die lijdt aan het mankement, dat hij vooral is toegesneden op de midden- en hogere inkomensgroepen.
We moeten het doen met huursubsidie die weer verminderd wordt en aan woningbouw die de afgesproken quota (nota bene door het CDA) niet haalt, terwijl de bouw om opdrachten schreeuwt in deze economische recessie.
Aan het opschroeven van de service- en andere kosten door de corporaties, omdat de jaarlijkse inflatiecorrectie hen te weinig oplevert. Een inflatiecorrectie die ze natuurlijk optimaal toepasten, maar die niet verplicht was.
Om met hun eigen woorden te spreken: “Onze broek kunnen we best ophouden, de verhoging hebben we eigenlijk niet nodig.” Maar waar een minis-ter(es) van WWI wel door gepiepeld wordt en kan vertrekken.
Bert de Vries raakte toen al “een gevoelige snaar bij de CDA-top, die verontwaardigd, defensief, afbluffend en met een poging tot isoleren reageerde” (Marnix van Rij).
Hopelijk raken wij die snaar nu ook als Basisgroep, maar is uw reactie begrijpelijker dan toen.
Want een Basisgroep waarborgt de basis van een partij, volgt haar partij kritisch en bevragend en wil de argumentatie kunnen ondersteunen in de uitleg van de maatregelen naar anderen; samen levend en werkend.
Leo W.C. BOETERS
lid CDA-Basisgroep Sociale Zekerheid
oud-directeur Katholiek Basisonderwijs
lid Ned. Woonbond
lid KBO en ANBO
lid Geschillencommissie Patrimonium
opleider/lobbyist Ouderenbonden projekt “Meer woningen voor Ouderen”
contactpersoon CNV “Anders”- en Postactieven
lid Donoraad Sanquin
Reserve Eerste Luitenant Koninklijke Marechaussee b.d.
tot zover de in de plenaire Basisgroepvergadering van donderdag elf december 2008 door Leo BOETERS gestelde: "VRAGEN AAN VAN GEEL"
Geen opmerkingen:
Een reactie posten